Algemene teksten i.v.m. het thema "Spiritualiteit"

Deze pagina bevat teksten over spiritualiteit die qua onderwerp niet op andere pagina's onder te brengen waren.  'Nieuwe' teksten worden aangeduid met Nieuw !.

 

Volgende

 

 

 

 

WB00526_.gif (4525 bytes)

 

Volgende

 

'Spiritualiteit van beneden' (tegenover een 'spiritualiteit van boven')

  • Dit is de tekst van een artikel dat ik 1997 geschreven heb voor het Congregatieblad 'Cocon' van de zusters Franciscanessen van Bennebroek.

Enige tijd geleden kreeg ik een verslag in handen van een lezing gehouden door Zr. Christa Schrama, met als titel: 'Gebed en geestelijk leven bij het ouder worden' (feb 1998). Deze activiteit was georganiseerd door de Stichting Pastoraal Adviesbureau (SPA). Ik was meteen enthousiast over de inhoud van de lezing, omdat daarin een heel helder beeld geboden wordt van de problemen en de opgaven van geestelijk leven in deze tijd. En dat was nog niet alles, want door zuster Schrama's lezing werd ik ook nog eens geattendeerd op een heel mooi boekje van Anselm Grün en M. Dufner (beide Benedictijner monniken), met als titel 'Spiritualiteit van beneden' (Kok Kampen, 1998). Omdat ik beide publicaties, zowel die van zuster Schrama als die van Grün en Dufner, erg waardevol vind, wil ik er op deze plek graag wat meer over vertellen. Citaten van zuster Schrama zal ik daarbij aanduiden met 'SPA', en van Grün en Dufner met 'SVB'.

Natuurlijk vraagt u zich direct af: "Spiritualiteit van beneden, wat moet ik mij daar bij voorstellen?" Grün en Dufner beantwoorden deze vraag door de 'spiritualiteit van beneden' te contrasteren met een 'spiritualiteit van boven'.

In de geschiedenis van de spiritualiteit zijn er onder meer twee stromingen. Er is een spiritualiteit van boven en een van beneden. Met spiritualiteit van beneden wordt bedoeld dat God niet enkel in de Bijbel en door de Kerk tot ons spreekt, maar ook door onszelf, door onze gedachten en gevoelens, door ons lichaam, onze dromen en juist ook door onze verwondingen en door wat wij aanzien voor onze zwakke plekken. (SVB)

Zoals gezegd, tegenover de spiritualiteit van beneden staat de spiritualiteit van boven:

De spiritualiteit van boven ontspruit aan het menselijk verlangen steeds beter te worden, steeds hoger te stijgen, steeds dichter tot God te naderen. Zij had vooral in de moraaltheologie van de drie laatste eeuwen een grote plaats, en in de ascetische leer zoals deze sinds de Verlichting gold. De moderne psychologie staat zeer sceptisch tegenover deze vorm van spiritualiteit, omdat daarbij het gevaar bestaat dat de mens innerlijk wordt verscheurd. Wie zich identificeert met zijn idealen, verdringt vaak zijn werkelijkheid die niet met deze idealen overeenkomt. Zo wordt de mens innerlijk gespleten en ziek. Vanuit de psychologie wordt daarentegen een spiritualiteit van beneden, zoals deze beoefend werd door de vroege monniken, juist bevestigd. Want voor de psychologie is het duidelijk dat de mens alleen door eerlijke zelfkennis tot zijn waarheid kan komen. (SVB)

Met name dit laatste citaat zou de indruk kunnen wekken dat de spiritualiteit van boven veroordeeld wordt en dat de spiritualiteit van beneden alleenrecht van bestaan krijgt. Maar zo wordt dit door de auteurs niet bedoeld. Voor een gezond geestelijk leven is een evenwicht tussen de beide spiritualiteiten nodig. Zonder idealen om na te streven (spiritualiteit van boven), heeft ons geestelijk leven in het concrete leven van alledag (spiritualiteit van beneden) geen richting. Wij kunnen niet zonder de voorbeelden die anderen ons geven en zonder doelen die wij onszelf stellen.
       Maar helaas legde men in het verleden vaak al te eenzijdig de nadruk op spiritualiteit van boven: geestelijk leven werd gezien in termen van zelf-heiliging, zelf-vervolmaking. Vanuit het denken, vanuit de moraal, vanuit wat de theologie ons voorschreef, legden mensen zichzelf hoge doelen op (een goed mens zijn, onder alle omstandigheden dienstbaar zijn, etc.). Je moest zien steeds hoger te komen, steeds dichter bij het ideaal van volmaaktheid. Omwegen of terugvallen waren uit den boze. Als je dan in de praktijk van alledag ondanks je inzet de gestelde doelen niet kon bereiken, dan kon je je daarover heel schuldig gaan voelen. Zuster Schrama beschrijft welke uitwerking zo'n spiritualiteit kan hebben op ons gebed:

Al met al hebben wij als novicen leren bidden op het intellectueel gerichte niveau van het mentale gebed waarmee ik bedoel: het spreken tot God, het denken over God en het vragen aan God. Deze spiritualiteit is grotendeels verstandelijk gericht op gebed, ascese, studie van de Schrift en kerkelijke moraal. Centraal staan vragen als: Hoe behoort een christen te zijn? Wat moet een christen doen? Deze spiritualiteit roept bij de mens het verlangen en het streven op om zich op eigen kracht steeds meer te vervolmaken, met het doel steeds hoger te stijgen op de weg naar God. [...]
       Het is alsof je zelf de volmaaktheid kunt bereiken, als je jezelf maar flink onderhanden neemt en jezelf desnoods met ijzeren wil wegcijfert. De praktijk leert dat deze gebedsvorm met haar nogal theoretische karakter velen het gevoel geeft altijd tekort te schieten, niet goed genoeg en met te weinig vertrouwen te bidden: kortom te falen. Dit kan dan weer een al dan niet latent schuldgevoel teweegbrengen, dat deprimerend kan werken op de persoon in kwestie. Het bevordert in ieder geval niet de vreugde die men kan vinden in de trouwe beoefening van het gebed en het inspireert ook niet om geïnteresseerd te blijven in een goed verzorgd gebedsleven.
(SPA)

Misschien is eenzijdige spiritualiteit van boven nog wel het best samen te vatten als spiritualiteit van prestatie: op eigen kracht aan jezelf werken, en zwakten en smetten zoveel mogelijk vermijden. Alles in onszelf wat niet 'klopt' met onze idealen, verontrust ons dan. In plaats dat we afdalen in onze eigen werkelijkheid, proberen we eraan te ontsnappen. En dat is jammer, want de spiritualiteit van beneden leert dat juist zwakten, smetten en oneffenheden in onszelf een kans zijn om God te ontmoeten. Zoals bijv. Jakob pas door de worsteling met de engel in de nacht - zou dat een symbool zijn voor het negatieve in hemzelf? - zijn eigen identiteit vond. I.p.v. gedachten, gevoelens en daden die niet kloppen met ons beeld van een goed christen te verafschuwen en af te wijzen, zouden we ze liefdevol onder ogen kunnen zien, omdat zij Gods geschenk van leven in ons vertegenwoordigen. Zoals de oude monniken zeiden: de enige weg naar werkelijke Godskennis loopt via zelfkennis. Zouden we onze negatieve gedachten etc. willen wegsnijden, of er niets van willen weten, dan lopen we het risico tegelijkertijd de levensenergie, de vitaliteit waarvan zij een uiting zijn, af te snijden.
       Maar de zelfkennis, die óók de acceptatie inhoudt van het negatieve in ons, is niet het eindpunt van de spiritualiteit van beneden:

In de spiritualiteit van beneden gaat het er evenwel niet enkel om te letten op Gods stem in mijn gedachten en gevoelens, in mijn hartstochten en zwakten, om daardoor het beeld te ontdekken dat God zich van mij heeft gemaakt. Het gaat er ook niet enkel om tot God op te stijgen door het afdalen in mijn eigen werkelijkheid. Veeleer gaat het er in de spiritualiteit van beneden om dat wij daar waar wij het einde van onze mogelijkheden hebben bereikt, ontvankelijk worden voor een persoonlijke relatie met God. (SVB)

Als wij zo als aarde doorploegd en geopend zijn, dan staan wij open voor het zaad van het woord van God. Dan ervaren wij, dat wij niet zélf onze eigen spiritualiteit kunnen maken, maar dat wij die ontvangen uit de handen van God.
        Grün en Dufner geven een prachtig voorbeeld a.d.h.v. deemoed of nederigheid. In de spiritualiteit van boven wordt deemoed vaak opgevat in de zin van 'je verdeemoedigen', jezelf klein maken. Nederigheid wordt dan een kwestie van jezelf aanzetten tot zoveel mogelijk dienstbaarheid, jezelf zoveel mogelijk wegcijferen. Nederigheid is dan een sociale deugd, die wij verwerven door volhardendheid en ijzeren wil.
       De spiritualiteit van beneden daarentegen ziet nederigheid als iets dat geleidelijk in ons groeit door de dingen die wij meemaken in ons leven. Ware nederigheid kunnen wij niet zelf maken. Het is als het gewas dat opkomt zonder dat de boer daar de hand in heeft (hij kan hoogstens de omstandigheden zo gunstig mogelijk maken voor het gewas):

Het Latijnse woord [voor nederigheid] humilitas houdt verband met humus: aarde. Humilitas heeft dus te maken met het goede vrienden worden met onze aardsheid, met onze aardse zwaartekracht, met de wereld van onze instincten, met onze schaduwzijde. Humilitas is de moed om de waarheid omtrent onszelf onder ogen te zien. [...] De deemoed heeft te maken met onze verhouding tot God en is een godsdienstige deugd. Hij is voor alle religies het criterium voor een echte spiritualiteit. En hij is de plaats van de diepte waarop ik de werkelijke God kan ontmoeten. Pas daar in de diepte kan echt gebed ontstaan. (SVB)

Misschien klinkt het bovenstaande verhaal u zwaar in de oren. Maar uiteindelijk wil spiritualiteit van beneden ons leven intenser en vreugdevoller maken, doordat wij als héle mens, inclusief onze moeilijkheden en schaduwzijden, in ons geloof gaan staan.

Zichzelf aanvaarden betekent dat de mens zich met zijn eigen levensgeschiedenis moet verzoenen. Als men er in slaagt om zich ook te verzoenen met de wonden, die men in het leven heeft opgelopen, kunnen deze bronnen van leven worden. Juist de verwonding stelt iemand in staat om anderen te begrijpen en te begeleiden. Vaak ontdekt iemand dan pas zijn eigenlijke roeping en beseft hij wat voor charisma hij dankzij zijn levensgeschiedenis heeft. Als het iemand lukt hiermee in het reine te komen zal hij ook erkennen dat alles zin heeft gehad. Ook het moeilijke was niet zinloos. Dat stelt hem nu in staat op een andere manier te leven, gevoeliger, intenser, dankbaarder en opener ten opzichte van zijn medemensen. De wonden worden zo tot bronnen van zegen voor zichzelf en voor anderen. (Anselm Grün, Kom naar de bron, Lannoo 1996, pag. 55).

Alex Pot

Inhoudsopgave

WB00526_.gif (4525 bytes)

 

AANROEP (een gedicht bij het Bijbelse boek Jona)

Jona, o Jona,
als in een spiegel
heb ik mijzelf in jou herkend.
Jij bent de gestalte
van mijn koppige, vreesachtige ik.

Jij hoorde de innerlijke stem,
maar was je bestemming ongehoorzaam.
Jij vernam de roep van God,
maar verzette je tegen je roeping.
Onstuimig liep je weg van God
en meende dat je vooruitgang boekte.
Omdat je geen Godsvertrouwen had,
waagde jij je op zee
in de zelfmisleidende waan,
dat je de Onontloopbare zou kunnen ontlopen.
Maar toen je wegvoer van God ervoer je,
dat je God niet kwijtraken kon.
In de storm, waarin jij schipbreuk leed,
haalde HIJ je in.
Overboord geworpen, ging je ten onder.
Afgronden doken op.
Het afschuwelijke overkwam jou:
de muil van de dood verslond je.
In de buik van de hel leed jij pijn.
Maar door dat wat jij doorleed,
leerde jij gehoorzaamheid.
Jouw nood noopte je tot ommekeer.
Uit de diepte riep je tot God
en gaf je over aan Hem,
waartegen jij je verzet had.
Toen ging jou in het donker een licht op.
De buik van de hel werd jou
tot schoot van een nieuwe geboorte.
Mysterie van de wedergeboorte.

Jona, o Jona,
jij bent het teken van de hoop
waarin ik leef.
Jij bent mij verwijzing naar Hem
die meer is dan Jona.

Omdat jij te gronde gegaan was,
werd jij van grond af aan vernieuwd.
Omdat jij omgekeerd was,
bewerkte jouw prediking ommekeer.
Het wonder geschiedde:
De goddelozen berouwden hun zonden,
en God berouwde het onheil
waartoe Hij besloten had.
Jij echter, die door Gods genade leeft,
wilde geen genade voor de anderen.
Genadeloos eiste jij gerechtigheid
waar God genade boven recht liet gelden.
Jij wilde het oordeel voltrokken zien
dat jij verkondigd had,
wilde gelijk krijgen ten koste van de ander.
Het lot dat hen treffen moest
maakte niet dat jij je geraakt voelde.
Hun kommernis bekommerde jou niet.
Zonder deelname zag jij uit naar hun ondergang,
omdat jij je niet deel van het geheel voelde.
Jij verdroeg het gered te zijn,
zonder dat allen gered worden.
Jij trok een mokkend gezicht
omdat God zo goed is,
en gunde de hemel niet het samen blij zijn
om de zondaars die boete deden.
Daarop ontnam God je datgene wat voor jou
de hitte van de nacht draagbaar maakte,
opdat je lijdend zou leren
mee te lijden met hen die verloren waren.

Jona, o Jona,
spiegelbeeld van mijn zelf.
Heb jij je tot medelijden laten bewegen?
Ben jij barmhartig geworden
zoals God in de hemel barmhartig is?

AUTEUR MIJ ONBEKEND
(ik heb deze tekst uit het Duits vertaald. Helaas kon ik de auteur ervan niet meer achterhalen. Ik herinner me nog wel, dat dit gedicht als introductie op een boek over Jona diende. Mocht iemand de naam van de auteur en de titel van dat boek kennen, dan houd ik mij aanbevolen! (alex.pot@spiritualiteit.net)

Inhoudsopgave

WB00526_.gif (4525 bytes)

 

LEVEN IN DE WERELD

Wees kalm temidden van het lawaai & de haast, & bedenk welk een vrede er in de stilte kan heersen. Sta - voorzover mogelijk - op goede voet met alle mensen zonder jezelf geweld aan te doen. Zeg je waarheid rustig & duidelijk; en luister naar anderen; ook zij hebben hun verhaal.
    Mijd luidruchtige en agressieve mensen, zij belasten de geest. Wanneer je jezelf met anderen vergelijkt, zou je ijdel en verbitterd kunnen worden; want er zullen altijd grotere en kleinere mensen zijn dan jij zelf. Geniet zowel van wat je hebt bereikt als van je plannen.
    Blijf belangstelling houden voor je eigen carrière, hoe nederig die ook moge zijn; het is een werkelijk bezit in het veranderlijk fortuin van de tijd. Betracht voorzichtigheid bij het zaken doen; want de wereld is vol bedrog. Maar laat je hierdoor niet verblinden voor deugd die er wèl is; vele mensen streven hoge idealen na; en overal is het leven vol heldendom.
    Wees jezelf. Veins vooral geen genegenheid. Wees evenmin cynisch over de liefde; want ten overstaan van alle dorheid & ontevredenheid is zij eeuwig als het gras.
    Neem het onderricht der jaren vriendelijk aan, laat de dingen der jeugd met gratie los. Voed de kracht van de geest om jou bij onverwachte tegenslag te beschermen. Maar breng jezelf niet in het nauw met spookbeelden. Vele angsten worden uit vermoeidheid & eenzaamheid geboren. Nog belangrijker dan een gezonde discipline, is dat je vriendelijk bent voor jezelf.
    Je bent een kind van het heelal, niet minder dan de bomen & de sterren; je hebt het recht hier te zijn. En of dit nu wèl of niet duidelijk is voor jou, er is geen twijfel aan dat het universum zich ontplooit zoals het zich hoort te ontplooien.
    Heb daarom vrede met God, hoe je Hem ook opvat, en wat je werk & aspiraties ook mogen zijn, houd vrede met je ziel in de lawaaierige verwarring van het leven.
    Met al zijn klatergoud, gezwoeg & gebroken dromen, is dit toch nog steeds een prachtige wereld. Wees voorzichtig. Streef naar geluk.

ANONYMUS
(Tekst gevonden in de Oude St. Paulskerk in Baltimore. Gedateerd 1692)

Inhoudsopgave

WB00526_.gif (4525 bytes)

 

KINDEREN

Je kinderen zijn je kinderen niet.
Zij zijn de zonen en dochters van 's levens hunkering naar zichzelf. Zij komen door je, maar zijn niet van je, en hoewel ze bij je zijn, behoren ze je niet toe.

Jij moogt hun geven van je liefde, maar niet van je gedachten, want zij hebben hun eigen gedachten.
    Jij moogt hun lichamen huisvesten, maar niet hun zielen, want hun zielen toeven in het huis van morgen, dat je niet bezoeken kunt, zelfs niet in je dromen. Je moogt proberen hun gelijk te worden, maar tracht hen niet aan je gelijk te maken.

KAHLIL GIBRAN
(AP: Deze tekst doet mij denken aan een citaat van een onbekende dat ik ooit ergens las: "Kinderen zijn niet ons bezit, ze zijn alleen aan ons uitgeleend!")

Inhoudsopgave

WB00526_.gif (4525 bytes)

 

HET INNERLIJK HEILIGDOM

De praktijk komt in religie op de eerste plaats, niet theorie en dogma. En christelijke praktijk is niet volledig uitgeput met uiterlijke daden. Een practiserend christen moet boven alles iemand zijn die de voortdurende terugkeer van de ziel naar het innerlijke heiligdom beoefent, die de wereld in het Licht daarvan zet en [vandaaruit] op nieuwe wijze beoordeelt, iemand die Licht brengt in de wereld met al haar onrust en haar wisselvalligheden en haar herschept.

R. THOMAS KELLY
(in: "A Testament of Devotion", Harper and Brothers, New York, London 1941, pg.34-35.)

Inhoudsopgave

WB00526_.gif (4525 bytes)

 

STAALTJES VAN KELTISCHE SPIRITUALITEIT

GOD

Ik ben de wind die op de zee ademt,
Ik ben de golf op de oceaan,
Ik ben het gefluister van bladeren ruisend in de wind,
Ik ben de stralen van de zon,
Ik ben het licht van maan en sterren,
Ik ben de groeikracht van bomen,
Ik ben de knop die in bloesems ontluikt,
Ik ben de beweging van een zwemmende zalm,
Ik ben de moed van een vechtende wilde beer,
Ik ben de snelheid van het hert dat rent,
Ik ben de kracht van de os die de ploeg trekt,
En ik ben de gedachten van alle mensen
Die mijn schoonheid en mijn genade prijzen.

   
* * *

DE ZIEL

Ik ben een vlam van vuur, in lichterlaaie van liefdespassie;
Ik ben een vonkje licht, de diepste waarheid verlichtend;
Ik ben een woeste oceaan, ziedend van rechtschapen verontwaardiging;
Ik ben een kalm meer, het verontruste gemoed troostend;
Ik ben een wilde storm, tekeergaand tegen de menselijke zonden;
Ik ben een milde bries, hoop blazend in het bedroefde hart;
Ik ben dor stof, wereldlijke ambities verstikkend;
Ik ben vochtige aarde, rijke vruchten van genade dragend.

   
* * *

GODS WIL

Eenieder die Gods wil verwerpt
Is als een lekkend schip op stormachtige zee,
Is als een adelaar gevangen in de val,
Is als een appelboom die nooit bloeit.

Eenieder die Gods wil gehoorzaamt
Is als de gouden stralen van de zomerzon,
Is als een zilveren kelk overvloeiend van wijn,
Is als een prachtige bruid klaar voor liefde.

   
* * *

Onder de weldoorvoeden en rijken worden de armen gezien als dwazen.
Eens was ik rijk, en kuddes en vrienden verdrongen zich aan mijn deur. Ik werd arm, en niemand kwam nog in mijn buurt.
In de zomer wilden mensen graag in mijn schaduw wandelen; nu, als ik voorbij ga in mijn groffe tuniek, mijden ze mij.
De persoon die zij zagen toen ik rijk was was niet ik, maar mijn rijkdom; nu zien zij niemand en doen zij alsof ik niet besta.
Als ik weer rijk zou zijn, zouden hun ogen oplichten als ze mij zagen en ze zouden hun armen uitstrekken om mij te omarmen. Zien ze mij nu, dan zijn ze in staat om mij te zien ineenstorten zonder ook maar één vinger uit te steken.
O Heer, laat iedereen zowel rijkdom als armoede kennen in zijn[/haar] leven; dan zullen alle mensen graag alles wat zij hebben delen.trefwoord tbv zoekscript: armoede

(Vertaald uit het mooie boek: Robert Van de Weyer, "Celtic Fire. An Anthology of Celtic Christian Literature", Darton, Longman & Todd Ltd, Londen 19943, ISBN 0-232-51772-X; 138pp. De eerste 3 teksten zijn ontleend aan het "Zwarte boek van Camarthen", een oude tekst uit Wales. Van de vierde en laatste tekst over de arme wordt in Van de Weyer's boek geen bron genoemd.)

Inhoudsopgave

WB00526_.gif (4525 bytes)

 

VREDE BEGINT BIJ JEZELF

1. Neem de tijd om stilte te vinden in jezelf. Uit stilte ontstaan helderheid van geest en onderscheidingsvermogen.

2. Leef in het nu. Door je angsten uit het verleden en je zorgen over de toekomst los te laten kun je volledig meegaan met de stroom van het leven.

3. Word meester over je verlangens en laat je leiden door ethische principes. Beslis met je hart en laat je geest volgen. Zo schep je een levensstijl die opbouwend is voor jezelf en harmonie brengt in je omgeving.

4. Maak van tevredenheid een prioriteit in alles wat je onderneemt. Streef naar een voldaan gevoel aan het eind van elke dag, want materiële rijkdom heeft geen enkele waarde als je niet tevreden kunt zijn met jezelf.

5. Laat je nooit verleiden om anderen te veroordelen, maar accepteer iedereen zoals hij is.

6. Mensen zijn altijd van groter belang dan materieel gewin. Als je het welzijn van anderen voorop stelt zonder er iets voor terug te verwachten, ontstaat er vanzelf vriendschap in je leven.

7. Laat alles wat je doet voortkomen uit je betrokkenheid met anderen. Laat je leiden door mededogen en bepaal je keuzes door je steeds af te vragen: "Welk effect hebben mijn gedachten, woorden en daden op de mensen om me heen en op de toekomst van deze planeet?"

MANSUKH PATEL
(Deze inspirerende bezinningstekst werd me toegezonden door een bekende. De bron van het citaat is mij onbekend)

Inhoudsopgave

WB00526_.gif (4525 bytes)

 

ALS DE ZON

Onze diepste angst,
is niet dat we onmachtig zouden zijn.
Onze diepste angst betreft juist
onze niet te meten kracht.
Niet de duisternis, maar het licht in ons
is wat we het meeste vrezen.

We vragen onszelf af:
Wie ben ik wel om mezelf briljant, schitterend,
begaafd, geweldig te achten.
Maar waarom zou je dat niet zijn.
Je bent een kind van God.
Je dient de wereld niet
door jezelf klein te houden.
Er wordt geen licht verspreid,
als de mensen om je heen,
hun zekerheid ontlenen aan jouw kleinheid.

We zijn bestemd om te stralen,
zoals kinderen dat doen.
We zijn geboren om de glorie Gods die in ons is
te openbaren.
Die glorie is niet slechts in enkelen,
maar in ieder mens aanwezig.
En als we ons licht laten schijnen,
schept dat voor de ander
de mogelijkheid hetzelfde te doen.

Als we van onze diepste angst bevrijd zijn,
zal alleen al onze nabijheid
anderen bevrijden.

NELSON MANDELA
(bij zijn inauguratie in 1994. Maar: een bezoeker van spiritualiteit.net attendeerde mij erop, dat hij ergens gelezen had dat deze tekst niet door Mandela geschreven is, maar door Marianne Williamson, in haar boek "Return to love". Waarvan akte.)

Inhoudsopgave

WB00526_.gif (4525 bytes)

 

DE DRAAK EN DE DUIZENDPOOT

De Meester stelde regelmatig dat heiligheid minder een kwestie was van wat je deed dan van wat je toestond om te gebeuren.
    Een groep van discipelen die moeite hadden om dit te begrijpen vertelde hij het volgende verhaal:
    "Er was eens een draak met één poot die tegen een duizendpoot zei: 'Hoe houd jij toch al die poten onder controle? Ik heb er mijn handen aan vol om alleen al deze ene onder controle te houden.'
    'Om je de waarheid te vertellen', zei de duizendpoot, 'ik houd ze geen van allen onder controle.'"

BROKSTUKJE
Wat is het toch een curieus fenomeen dat er mensen bestaan die je er toe kunt bewegen om te sterven voor de vrijheid van de wereld, terwijl ze niet bereid zouden zijn het kleine offer te brengen dat nodig is om zichzelf te bevrijden uit hun persoonlijke gevangenschap.
Bruce Barton (1886-1967)

ANTHONY DE MELLO S.J.

Inhoudsopgave

WB00526_.gif (4525 bytes)

 

REALISATIE

"Wat bracht de verlichting jou?"
    "Vreugde."
    "En wat is vreugde?"
    "Het realiseren dat, wanneer je alles verloren hebt, je enkel gereedschap verloren hebt."

BROKSTUKJE
God wordt niet gevonden in de ziel door er iets aan toe te voegen, maar door een proces van vermindering
["subtraction"].
Meister Eckhart

ANTHONY DE MELLO S.J.

Inhoudsopgave

WB00526_.gif (4525 bytes)

 

GENEZING

Alternatief trefwoord: ziekte (AP)

Tegen iemand in moeilijkheden die hem hulp vroeg, zei de Meester:
    "Wil jij wérkelijk een geneesmiddel?"
    "Als ik dat niet zou willen zou ik toch niet de moeite genomen hebben om naar u toe te komen?"
    "O jawel. De meeste mensen handelen zo."
    "Waarom?"
    "Zij komen niet om een geneesmiddel. Want dat is pijnlijk. Zij zoeken enkel verzachting."
    Tegen zijn discipelen zei de Meester: "Mensen die een geneesmiddel willen onder voorwaarde dat het geen pijn mag doen, zijn als diegenen die vooruitgang nastreven onder voorwaarde dat dat gebeurt zonder verandering."

BROKSTUKJE
De dwaze mens zoekt geluk in de verte; de wijze laat het groeien onder zijn voeten.
James Oppenheim

ANTHONY DE MELLO S.J.

Inhoudsopgave

WB00526_.gif (4525 bytes)

 

GODSVERLANGEN

Een kluizenaar was aan het mediteren aan de oever van een rivier. Een jonge man kwam zijn meditatie verstoren. "Meester, ik wil uw leerling worden", sprak hij. "Waarom?", vroeg de kluizenaar. De jongeman dacht een ogenblik na. "Omdat ik God wil vinden."
   De meester sprong op, greep hem in zijn nekvel, sleepte hem naar de rivier en duwde zijn hoofd onder water. Nadat de man een minuut lang verwoed gesparteld had om boven te komen, liet de meester hem los. De jongeman hoestte water op en hapte naar adem. Toen hij weer op adem gekomen was, vroeg de meester: "Vertel me: waarnaar verlangde je het allermeest toen ik je onder water hield?" "Lucht!", antwoordde de man.
   "Goed dan", zei de meester. "Ga terug naar huis en kom terug wanneer je net zo intens naar God verlangt, als je zojuist naar lucht verlangde."

(het Engelstalige origineel van dit verhaal vind je hier)

Inhoudsopgave

WB00526_.gif (4525 bytes)

 

DE DANS VAN HET LEVEN

Want wereld en tijd zijn de dans van de Heer in leegte. De stilte van de sferen is de muziek van een huwelijksfeest. Hoe meer we koppig volharden in ons misverstaan van de verschijnselen van het leven, hoe meer we ze analyseren tot op vreemde finaliteiten en tot op onze eigen complexe doelstellingen, des te meer zullen we onszelf onderdompelen in treurigheid, absurditeit en wanhoop. Maar dat maakt niet veel verschil, want geen wanhoop van ons kan de realiteit der dingen veranderen, of de vreugde van de kosmische dans bevlekken die altijd aanwezig is. Meer nog, wij bevinden ons in het centrum daarvan, en hij is temidden van ons, want hij slaat in ons eigen bloed, of we het willen of niet.

THOMAS MERTON
(vertaald uit het Engels door AP)

Inhoudsopgave

WB00526_.gif (4525 bytes)

 

GEBED EN GEESTELIJKE ARMOEDE

Laat mij dan zoeken het geschenk van de stilte en van armoede, en van eenzaamheid, waar alles wat ik aanraak in gebed veranderd wordt: waar de lucht, de vogels en de wind in de bomen mijn gebed zijn, omdat God alles in allen is. Om dit te bereiken dien ik werkelijk arm zijn. Ik hoef niets te zoeken: ik hoef alleen maar tevreden te zijn met wat ik ook maar ontvangen heb van God.

THOMAS MERTON
(uit "Thoughts In Solitude", Farrar, Straus and Giroux, New York 1956, pg. 94)

Inhoudsopgave

WB00526_.gif (4525 bytes)

 

MOPJE

Een boer liet de dorpspastoor zijn korenveld zien, vol wuivend goudgeel graan. "Wat vindt u ervan? Dat heb ik toch maar mooi gedaan, dat alles er zo goed bij staat!", zei de boer. "Dat is niet jóuw verdienste, maar enkel te danken aan Gods genade", antwoordde de pastoor. Bij het aardappelveld aangekomen zei de boer: "Maar wat dan te denken van dit veld; u zult toch moeten erkennen dat ik hier mooi werk heb verricht!" Maar opnieuw antwoordde de pastoor: "Zonder God zou dit alles niet mogelijk zijn. Dank Hem daarom te allen tijde!" Tenslotte kwamen ze aan bij een derde veld. Dit veld lag braak en stond vol onkruid. "Kijk nu toch eens naar dat veld", zei de boer tegen de pastoor, "daar heeft God het werk alleen gedaan!"

Inhoudsopgave

WB00526_.gif (4525 bytes)

 

LIEVER NIET ZOEKEN IN HET DONKER

Meester Nasroeddin kroop buiten rond op handen en voeten, onder het licht van een lantaarn, toen een vriend passeerde. 'Wat bent u aan het doen, meester', vroeg de vriend. 'Ik zoek mijn sleutel, want ik ben hem kwijtgeraakt.' De vriend besloot de meester te helpen en samen zochten ze lange tijd in de modder onder de lantaarn. Toen ze maar niets vonden vroeg de vriend ten slotte aan Nasroeddin: 'Wáár bent u de sleutel eigenlijk kwijtgeraakt?' Nasroeddin antwoordde: 'Ik ben hem thuis kwijtgeraakt, maar hier onder de lantaarn is meer licht.'

UIT HET SOEFISME
(Bovenstaande tekst heb ik geplaatst omdat ik het zo'n prachtig verhaal vind over hoe onaantrekkelijk het kan zijn om in het duister, d.w.z. je eigen schaduwzijden, te zoeken naar de 'sleutels' waarmee je die schaduwzijden een plaats kunt geven in je leven. Herkenbaar!)

Inhoudsopgave

WB00526_.gif (4525 bytes)

 

TROUW AAN HET OUDE, TROUW AAN HET HEDEN, EN AAN DE TOEKOMST

Trouw aan het oude,
als het goed is.
Trouw aan het nieuwe,
als het opbouwend is.
Trouw aan de traditie,
als ze scheppend is.

Trouw aan het verleden,
dat voorbijging en bleef.
Trouw aan het heden,
dat is en verdwijnt.
Trouw aan de toekomst,
die reeds begonnen is.

Trouw aan jezelf,
als trouw aan de ander.

ONBEKEND
(Bovenstaande tekst kreeg ik ooit toegestuurd door een vriend ter gelegenheid van de overgang van oudjaar naar nieuwjaar)

Inhoudsopgave

WB00526_.gif (4525 bytes)

 

UITNODIGING:

Het interesseert me niet wat je doet voor de kost. Ik wil weten waar je naar verlangt en of je durft te dromen dat het verlangen van je hart vervuld wordt.

Het interesseert me niet hoe oud je bent. Ik wil weten of je het risico durft te nemen jezelf belachelijk te maken voor liefde, voor je dromen, voor het avontuur van in leven zijn.

Het interesseert me niet welke planeten er om je maan heen staan. Ik wil weten of je het centrum van je eigen verdriet hebt aangeraakt, of je geopend bent door de teleurstellingen van het leven, of dat je ineengeschrompeld en gesloten bent geworden uit angst voor meer pijn. Ik wil weten of je bij pijn kunt zijn, van mij of van jou, zonder te proberen het te verbergen of te laten verdwijnen of het op te lossen.

Ik wil weten of je kunt zijn met vreugde, van mij of van jou, of je wild kunt dansen en je door extase laten vullen tot in de toppen van je vingers en tenen, zonder ons te waarschuwen dat we voorzichtig moeten zijn of realistisch, of dat we de beperkingen van het mens-zijn moeten onthouden.

Het interesseert me niet of het verhaal dat je vertelt waar is. Ik wil weten of je een ander teleur kunt stellen om trouw te blijven aan jezelf; of je beschuldigingen van verraad kunt dragen zonder je eigen ziel te verraden. Ik wil weten of je ontrouw kunt zijn
[AP: wanneer nodig] en daardoor vertrouwenswaardig.

Ik wil weten of je schoonheid kunt zien, zelfs als het niet elke dag mooi is, en of je vandaar uit kunt leven. Ik wil weten of je met mislukkingen kunt leven, van jou of van mij, en toch aan de rand van het meer kunt staan, schreeuwend tegen het zilver van de volle maan, "Yes!".

Het interesseert me niet te weten waar je woont of hoeveel geld je hebt. Ik wil weten of je op kunt staan na een nacht van verdriet en wanhoop, vermoeid en gebroken, en doet wat gedaan moet worden om de kinderen te voeden.

Het interesseert me niet wie je bent of hoe je hier bent gekomen. Ik wil weten of je met mij in het centrum van het vuur kunt staan zonder daarvoor terug te schrikken.

Het interesseert me niet wáár of wàt of met wiè je hebt gestudeerd. Ik wil weten wat jou van binnenuit steun geeft wanneer al het andere wegvalt.

Ik wil weten of je alleen kunt zijn met jezelf, of je werkelijk van jouw eigen gezelschap houdt in de lege momenten.

AUTEUR: ORIAH MOUNTAIN DREAMER (een Indiaanse vrouw)
(trefwoorden t.b.v. zoekscript: bezinningsteksten, indiaanse spiritualiteit)
Deze tekst mocht ik ontlenen aan de - mooie - site van het Centrum voor Zelfbezinning te Utrecht, waarvoor mijn hartelijke dank!
   Ik ken dit centrum niet persoonlijk, maar als een instelling een zodanig mooie en inspirerende tekst als de bovenstaande gebruikt om iets over haar doelstellingen duidelijk te maken, dan vind ik dat zeer veelbelovend ...
   P.S.: Naderhand heb ik het gelijknamige boek bij het gedicht van Oriah Mountain Dreamer gekocht (OMD: "The Invitation", uitg. Thornsons, Londen 1999; ISBN 0 7225 3821 9) en aan de hand daarvan de vertaling zoals ik die ontleende aan de site van het Centrum voor Zelfbezinning enigszins bijgesteld (AP).

Inhoudsopgave

WB00526_.gif (4525 bytes)

 

Raimundo Panikkar: Bergrede bij de intra-religieuze dialoog

  • Onderstaande tekst is een vertaling door mij van een Duitse tekst die in 1988 uitgegeven werd door het Oecumenische Meditatiecentrum NeuMühle te Mettlach-Tunsdorf/Saar in Duitsland. Panikkar is een Spaans theoloog, zoon van een R.K. moeder en een hindoestaans vader. Deze achtergrond heeft waarschijnlijk mede zijn interesse in de interreligieuze dialoog bewerkstelligd.
  • Opvallend is dat Panikkar nadrukkelijk de term "intra-religieuze dialoog" in plaats van de ons waarschijnlijk meer vertrouwde term "inter-religieuze dialoog" gebruikt. Die laatste vorm van dialoog is volgens Panikkar als een vergadering tussen landen waarin ieder op zijn eigen belang bedacht is, en zich strikt houdt aan de voorschriften van zijn achterban/mandaat - hoe nuttig en nodig dit soms ook kan zijn. In de intra-religieuze dialoog daarentegen durft men de eigen overtuigingen op het spel te zetten. De intra-religieuze dialoog gaat men aan met de intentie om van elkaar te leren. Deze dialoog betreft je eigen wezen, en maakt je zodanig betrokken op de ander, dat diens problemen jóuw problemen worden.

 

  • Wanneer jullie een intra-religieuze dialoog aangaan, bedenk dan niet vooraf, wat je geloven moet.
  • Wanneer jullie getuigenis afleggen van jullie geloof, verdedig dan niet julliezelf of jullie gevestigde belangen, hoe heilig ze je ook voor mogen komen. Doe als de vogels in de lucht: zij zingen en vliegen en verdedigen hun gezang en hun schoonheid niet.
  • Wanneer jullie met iemand in gesprek zijn, zie jullie gesprekspartner dan als een openbarende ervaring, net zoals jullie dat doen zouden - of zouden moeten doen - als jullie de leliën op het veld aanschouwen.
  • Wanneer jullie aan de intra-religieuze dialoog deelnemen, probeer dan eerst de balken in jullie eigen oog te verwijderen, voordat jullie de splinter uit het oog van jullie naaste verwijderen.
     
  • Gezegend zijn jullie, wanneer jullie je tijdens de dialoog niet zelfingenomen voelen.
  • Gezegend zijn jullie, wanneer jullie op anderen vertrouwen, omdat jullie Mij vertrouwen.
  • Gezegend zijn jullie, wanneer jullie je blootstellen aan misverstanden binnen jullie eigen gemeenschap of aan onbegrip van anderen, in naam van trouw aan de waarheid.
  • Gezegend zijn jullie, wanneer jullie je overtuigingen niet opgeven en ze desondanks niet als absolute normen doet voorkomen.
     
  • Wee jullie, theologen en academici, wanneer jullie gering achten, wat anderen zeggen, enkel omdat het jullie het onaangenaam of niet geleerd genoeg vinden.
  • Wee jullie, praktizerende gelovigen, wanneer jullie niet luisteren naar het geroep van de kleine luiden.
  • Wee jullie, religieuze autoriteiten, wanneer jullie veranderingen en (her)bekeringen in de weg staan.
  • Wee jullie, religieuze lieden, wanneer jullie religie monopoliseren en de Geesteskracht laten verstarren, die kracht die waait waar en zoals zij dat wil.

Inhoudsopgave

WB00526_.gif (4525 bytes)

 

VOLTAIRE: JE EIGEN TUIN BEPLANTEN

Op een dag zul je het subtiele verschil kennen tussen een hand vasthouden en een ziel ketenen. Dan leer je dat liefde niet betekent: leunen. En dat gezelschap niet betekent: veiligheid.
    Je ontdekt dat een kus geen contract is en een cadeau geen belofte. Je begint je nederlagen te accepteren met je hoofd omhoog en je ogen open. Je leert te vertrouwen op vandaag, omdat morgen te onzeker is voor plannen. Na een poos leer je dat zelfs zonneschijn je verbrandt als je er te veel van krijgt.
    Dan wordt het tijd je eigen tuin te beplanten en dan zorg je voor je eigen ziel en wacht je niet langer op de wonderen van buitenaf.
    En dat weet je, dat je het écht kunt volhouden en dat je écht sterk bent en dat je echt waarde hebt. En je leert en leert. Bij ieder afscheid leer je.

VOLTAIRE
Voorgelezen door iemand uit de meditatiegroep waaraan ik deelneem. Een prachtige en inspirerende tekst. Vandaar dat ik hem hier heb geplaatst. Eigenlijk kan ik me nauwelijks voorstellen dat hij van Voltaire afstamt, gezien het moderne taalgebruik in deze tekst, maar wat doet dat er verder nog toe?

Inhoudsopgave

WB00526_.gif (4525 bytes)

 

HOE DE BIJBEL LEZEN?

Doe er niet in de eerste plaats moeite voor om de woorden van de Heilige Schrift in uw geheugen te prenten, maar probeer vooral hun betekenis en kracht op te nemen in uw hart. Vaak kunt ge de woorden vergeten en hun kracht toch in uw hart bewaren, en wie soms de minste Schriftwoorden in zijn geheugen en zijn mond heeft, heeft vaak het meest van hun zin en geest in zijn hart. Men moet allereerst aandacht hebben voor het licht en de wijding, die zich bij het horen of lezen van de Schrift in ons binnenste openen, - dat vooral moet men bewaren. Dat is de voedzaamheid en de kracht van het brood: het woord dat rechtstreeks komt uit Gods mond en waarvan men waarlijk leven kan, - niet van de oppervlakkige klanken of lege beelden in uw hersens.

GERHARD TERSTEEGEN (1697 - 1769)
(Deze tekst is genomen uit een langere tekst in: Avondboek. Teksten om bij stil te staan, verzameld door Gabriël Smit, Baarn 19782; dit Avondboek is overigens een heel aardige bundeling van bezinnende teksten!)

Inhoudsopgave

WB00526_.gif (4525 bytes)

 

OMGAAN MET JE EIGEN GESPLETENHEID EN PIJN

Niemand van ons heeft zijn eigen lot uitgekozen, zijn wezen, zijn zwaktes, zijn neurose of zijn breekbare karakter en al zijn gespletenheid. Niemand heeft de grenzen van zijn kracht zelf bepaald. Wij ondergaan ieder een leven dat iemand anders voor ons toebereid heeft, en het heeft geen zin onszelf of elkaar daarvan de schuld te geven.
       Ik begon toentertijd
[tijdens de tweede Wereld Oorlog; AP] te vermoeden dat de pijn, die al deze ervaringen inhouden, voor ons niet weer tot een vijand mag worden die we moeten bestrijden zoals we een vijandige soldaat bestrijden. Dat men deze pijn als het ware lief moest leren krijgen, zich hem eigen maken en in hem in zichzelf veranderen in een kracht, die inzicht geeft in de verborgen samenhangen van het lijden dat in de hele wereld, waar ook maar, geleden moet worden.

JÖRG ZINK
(in "Sieh nach den Sternen - gib acht auf die Gassen. Erinnerungen", pag.115-120)

Inhoudsopgave

WB00526_.gif (4525 bytes)

 

 

 

Deze pagina werd voor het laatst ververst op: woensdag 4 mei 2005.


citaat (zinrijk.nl)
Áls er een God bestaat, dan is Hij geen sentimentele God.
Keith Ward

Zangretraite in Portugal (meer)
Op een prachtige locatie (Monte na Luz - met zwembad) vlak bij de Middellandse zee, zingen we dat het een lieve lust is. Groepsgrootte: 15 personen. 21 - 27 juni
Deze weken met Jan-Hendrik Veenkamp zijn voor mij het hoogtepunt van het jaar. – Alex Pot